Page 30 - Reverse Laning
P. 30

B LAGE B Wegennetwerk
Hieronder staat het schema met het wegennetwerk nogmaals weergegeven, nu met meer toelichting per wegtype en de toepassing van Reverse Laning.
Gescheiden rijstroken
Op ongelijkvloerse kruisingen kruist verkeer elkaar niet. Ongelijkvloerse kruisingen, zoals knooppunten en viaducten, zijn daarom mogelijk in te richten voor Reverse Laning.
Op wegen met gescheiden rijstroken komt tegengesteld verkeer elkaar niet tegen. Daarom zijn deze wegen mogelijk geschikt voor Reverse Laning.
Gescheiden rijrichtingen
Op wegen met gescheiden rijrichtingen komt tegengesteld verkeer elkaar niet tegen. Daarom zijn deze wegen mogelijk geschikt voor Reverse Laning.
Snel en langzaam verkeer gescheiden
Het brengt veiligheidsrisico’s met zich mee, indien  etsers de weg delen met het autoverkeer. Wanneer langzaam en snel verkeer van elkaar gescheiden zijn heeft het wegpro el voldoende ruimte voor Reverse Laning.
28
Ongelijkvloerse kruisingen
Gelijkvloerse kruisingen
Verkeer kruist elkaar op gelijkvloerse kruisingen. Deze kruisingen zijn geregeld met een VRI of met een voorrangsregeling. Gelijkvloerse kruisingen zijn mogelijk in te richten voor Reverse Laning, mits veiligheid wordt gecreëerd met voldoende middelen en materiaal.
Rotondes
Een rotonde is net als een gelijkvloerse kruising mogelijk in te richten voor Reverse Laning. Dit vraagt veel materiaal en personeel op elke arm van de rotonde.
Smal dwarspro el
Wegen met een te smal dwarspro el hebben onvoldoende ruimte voor twee voertuigen. Wanneer twee voertuigen elkaar niet kunnen passeren heeft het instellen van Reverse Laning op deze wegen geen meerwaarde.
Erfaansluitingen
Wanneer er (veel) erven op de weg aansluiten, brengt het instellen van Reverse Laning veel risico’s met zich mee. Wegen met veel erfaansluitingen liggen vaak buiten de bebouwde kom en hebben een smal dwarspro el.


































































































   28   29   30   31   32