Page 7 - Reverse Laning
P. 7

Introductie in de Kennismodule
Deze kennismodule helpt u om snel en eenvoudig te beoordelen of het instellen van Reverse Laning op (een deel van) het wegennet in uw regio bijdraagt aan een snellere veilige evacuatie. Hiervoor is een afwegingskader (stappenplan) opgenomen dat voor u inzichtelijk maakt op welke wijze
het instellen van deze maatregel meerwaarde heeft ten opzichte van de reguliere verkeersmanagementmaatregelen.
U doorloopt dit afwegingskader bij het opstellen van het evacuatieplan in de koude fase, zodat u bij dreigende calamiteit voorbereid bent op het wel/niet inzetten
van Reverse Laning als verkeersmanagementmaatregel. Het opstellen van het evacuatieplan, waarvan de verkeersafwikkeling een onderdeel is, is uiteraard
een gezamenlijke opgave van de veiligheidsregio(s), wegbeheerders en andere belanghebbende partijen. Deze afstemming vindt plaats in de koude fase.
Reguliere verkeersmanagementmaatregelen en Reverse Laning
Reverse Laning is mogelijk een aanvullende maatregel wanneer met reguliere verkeersmanagementmaatregelen het evacuatiedoel onvoldoende kan worden bereikt
Voorbeelden van reguliere verkeersmanagementmaatregelen zijn:
• Het vergroten van de uitstroom door het optimaal inzetten van verkeerslichten.
• Het openstellen van spitsstroken.
• Het (deels) afkruisen van rijstroken op autosnelwegen zodat een
• prioritaireverkeersstroom voorrang heeft en goed kan invoegen.
Het afsluiten van rijrichtingen binnen het bedreigd gebied om de
• doorstromingvan het verkeer te optimaliseren.
Beïnvloeden van het vertrekpatroon.
De inzet van Reverse Laning kan een interessante aanvullende maatregel zijn
om de uitstroomcapaciteit te vergroten. Dit brengt ook risico’s met zich mee, zoals beperking van de bereikbaarheid voor hulpdiensten, onveilig rijgedrag
van weggebruikers, grotere kans op verstoringen, verminderde bereikbaarheid voor incident management op evacuatieroute en een grotere voorbereidings- en ombouwtijd. Daarbij levert inzet van Reverse Laning zeker geen verdubbeling van de uitstroomcapaciteit op. Het advies is dan ook om deze maatregel alleen in te zetten wanneer reguliere verkeersmanagementmaatregelen voor de evacuatie onvoldoende uitkomst bieden om de burgers tijdig uit het gebied te evacueren.
Bij het doorlopen van het afwegingskader is het van belang om andere partijen op
te zoeken en samen tot een gewogen oordeel te komen over de inzet van Reverse
Laning. Het afwegingskader staat op pagina 8 weergegeven en toegelicht. 5
Eerdere studies
Eerder zijn in opdracht van Rijkswaterstaat twee studies uitgevoerd naar de inzet van Reverse Laning als verkeersmanagementmaatregel bij evacuaties. Aanleiding voor deze studies was de toepassing hiervan bij evacuaties
in de VS. De situatie in de VS is echter niet zomaar te vergelijken met de situatie in Nederland. Zo is het Nederlandse wegennetwerk  jnmaziger, kan het verkeer meer gespreid worden en zitten er meer risico’s aan de inzet van Reverse Laning. Uit deze studies is gebleken dat het verkeerskundige e ect van deze maatregel in de meest gunstige uitvoering relatief
beperkt is. Alleen in speci eke omstandigheden kan deze maatregel een signi cante meerwaarde hebben. Daarom is het wenselijk terughoudend om te gaan met de toepassing van Reverse Laning. In Bijlage A vindt u een samenvatting van de voorgaande onderzoeken.
Kennismodule Reverse Laning


































































































   5   6   7   8   9